Ik had gedaan wat ik kon doen
en zoveel meer dan dat
maar ’t resultaat was ver van wat
ik eenmaal durfde hopen
ik kwam gehavend en vermoeid
de haven binnenlopen
en zweeg … en bad …
totdat
Hìj kwam en vriendelijk tot mij sprak:
“Steek af naar dieper water
ga weer aan boord
en later …
zul je verbaasd zijn want
Mijn Geestwind in je zeilen
stuwt ’t scheepje van je leven voort
naar diepten
niet te peilen
bij nacht en ontij sta Ik klaar
als God van d’oceanen
laat Mij de stuurman voor je zijn
die elke weg zal banen
gehoorzaam nu Mijn stem en Woord
werp al je netten overboord
ondanks het ruwe water…”;
ik ging aan boord – een vast besluit
wierp al mijn netten ver vooruit
op Zijn bevel
en later …
keek ik mijn ogen uit !