Wie ziet het wonder van de witte wolken
wie ziet het wonder van de gouden zon
wie ziet het wonder van de vlinderkleuren
en de rivier vanuit een kleine bron
we razen voort langs brede autobanen
we haasten naar en van de supermarkt
en vullen onze maag bij voetbal-kijken
we jachten soms tot aan een hartinfarct
wie ziet het wonder nog van bloemen, bossen
van kleine madeliefjes in de wei
van een libelle aan de groene oevers
het stille water glijdt aan ons voorbij
al eeuwen- eeuwenlang dezelfde stromen
en elke dag maar weer die zonsopgang
en ’s nachts de maan die naar ons staat te kijken
na kleurrijk spel van een zonsondergang
wie is het die dit alles heeft geschapen
wie is het die dit alles zo getrouw
laat voortbestaan voor mensen en voor dieren
wie is het toch die God niet prijzen zou
voor het wonder van de blauwe lucht en bergen
voor zeeën blinkend aan de horizon
voor vogels en voor vruchten en gewassen –
terwijl dit alles vanuit Hem begon …