De Achterhoek


De groene rust in wijde, stille landen

waar koeien dromen in het frisse gras
een enkele vlinder speelt en danst er vrolijk
ik wenste dat ik even vlinder was

het water van de beken en rivieren
glijdt langs het oeverriet al eeuwenlang
het kent de weg van het oosten naar het westen
naar rode gloed van de zonsondergang

de bloemen wiegen op hun dunne stelen
zo zachtjes speelt de wind hen heen en weer
de vogels tierelieren in de avond
met elk hun melodie en meer en meer

verwonder ik mij over deze aarde
zo mooi geschapen en het was zeer goed
zo lang geleden ben ik hier geboren
ik draag de schoonheid in mijn hart en bloed